Het vaccineren van kinderen tegen het Coronavirus: wat kan je doen als één ouder of beide ouders geen toestemming verlenen voor het vaccineren?

De meningen lopen flink uiteen bij de vraag wel of geen Coronavaccinatie? Dit leidt tot veel (maatschappelijke) discussies. Ook in de huiselijke sfeer. Sinds juli 2021 kunnen kinderen vanaf 12 jaar zich laten vaccineren tegen het Coronavirus. Vanaf half januari 2022 geldt dit ook voor kinderen van 5 tot 12 jaar. De beslissing om een kind te laten vaccineren, kan de nodige problemen opleveren wanneer de ouder(s), voogd(en) of het kind hierover niet op één lijn zitten. Wanneer men daar niet gezamenlijk uitkomt, bestaat de mogelijkheid om naar de rechter te stappen. In deze blog wordt ingegaan op de positie van de kinderen tot en met zeventien jaar en de positie van de ouder(s) of voogd(en).

Juridisch kader

Wanneer een kind wordt gevaccineerd, wordt dit juridisch aangemerkt als een medische behandeling. Voordat een arts, verpleegkundige of andere hulpverlener over kan gaan tot het uitvoeren van de medische behandeling, is in veel gevallen de toestemming van de ouder(s) of voogd(en) vereist, maar er zijn daarop uitzonderingen. Welke vereisten gelden, is afhankelijk van de leeftijdscategorie waarin het kind zich bevindt.

  1. Kinderen tot 12 jaar

Bij kinderen tot 12 jaar geldt dat zij de toestemming van de ouder(s) of de voogd(en) nodig hebben om zich medisch te laten behandelen. Dit betekent dat voor het vaccineren van kinderen tot 12 jaar tegen het Coronavirus in beginsel de toestemming van beide ouders en/of beide voogden is vereist. Het kind heeft hier zelf geen stem in.

  1. Kinderen van 12 tot 16 jaar

Voor kinderen van 12 tot 16 jaar ligt dit net iets anders. Er geldt een zogenoemd dubbele toestemmingsvereiste. Niet alleen de toestemming van de ouder(s) of de voogd(en) is in beginsel vereist, maar ook het kind dient in te stemmen met de medische behandeling. Op deze regel bestaan twee uitzondering, namelijk:

(i) Wanneer het kind na het weigeren van de toestemming van de ouder(s) of voogd(en) de medische behandeling weloverwogen blijft wensen.

Van een weloverwogen beslissing kan worden gesproken wanneer het kind op een juiste en objectieve wijze is voorgelicht, bijvoorbeeld door een arts, en het kind goed heeft nagedacht over zijn of haar beslissing.

(ii) Wanneer de medische behandeling kennelijk noodzakelijk is om ernstig nadeel bij het kind te voorkomen.

Van de tweede uitzondering is slechts sprake wanneer de medische behandeling kennelijk noodzakelijk is om ernstig nadeel bij het kind te voorkomen. Het moet in dat geval specifiek ernstig nadeel voor het kind in kwestie opleveren. Het is geen algemeenheidsnorm, maar afhankelijk van de omstandigheden van het geval. Hierbij moet worden gedacht aan de kinderen die in de hoog risicogroep vallen vanwege een ziekte of aandoening en het daardoor kennelijk noodzakelijk is om de medische behandeling uit te voeren om ernstig nadeel bij het kind te voorkomen.

  1. Kinderen van 16 en 17 jaar

Bij kinderen van 16 en 17 jaar hebben de ouder(s) of voogd(en) geen stem. De toestemming van de ouder(s) of voogd(en) is niet (meer) vereist. Het kind kan zelf kiezen of zij de medische behandeling wensen.

Vervangende toestemming

Wanneer ouder(s) of voogd(en) het niet eens worden over de beslissing om een kind wel of niet te laten vaccineren tegen het Coronavirus, of wanneer ouders juist wel overeenstemming hebben over het niet vaccineren van het kind tegen het Coronavirus, maar het kind dit zelf wel wenst, dan bestaan er twee juridische routes om vervangende toestemming te vragen bij de rechtbank:

(i) Via de informele rechtsingang voor kinderen.

In het geval dat beide ouders niet wensen dat het kind wordt gevaccineerd, kunnen kinderen van 12 tot 16 jaar via de informele rechtsingang om vervangende toestemming bij de rechter vragen. Een kind kan dan op een informele manier een brief naar de rechter schrijven waarin hij of zij vraagt te mogen worden gevaccineerd.

Voor kinderen in de leeftijdscategorie tot 12 jaar en van 16 jaar en ouder staat deze weg niet open. Kinderen tot 12 jaar hebben immers geen stem bij de keuze wel of niet vaccineren en kinderen vanaf 16 jaar mogen zelfstandig beslissen of zij zich laten vaccineren. De toestemming van de ouder(s) of voogd(en) is niet vereist.

(ii) Via een verzoek tot vervangende toestemming door een ouder.

In het geval dat één van de ouders de toestemming weigert te verlenen, kan de andere ouder die graag wil dat het kind wordt gevaccineerd bij de rechtbank een verzoek tot vervangende toestemming indienen. Een ouder kan een verzoek tot vervangende toestemming voor zowel de kinderen in de leeftijdscategorie tot 12 jaar als voor kinderen in de leeftijdscategorie van 12 tot 16 jaar indienen. Vervolgens beslist de rechtbank of zij de vervangende toestemming verleend.

Beoordeling rechtbank

Hoe een verzoek tot vervangende toestemming wordt beoordeeld, is afhankelijk van de omstandigheden van het geval. De lijn in de jurisprudentie is op dit moment dat, in de leeftijdscategorie 12 tot 16 jaar, de stem van het kind doorslaggevend is.

In de uitspraak van de rechtbank Noord-Nederland werd de vervangende toestemming verleend. Het kind had in casu een duidelijk wens dat hij gevaccineerd wilde worden om zichzelf maar ook zijn omgeving te beschermen. Daarbij heeft de rechtbank ook voort geborduurd op het positieve advies van de gezondheidsraad.

In de uitspraak van de rechtbank Noord-Holland werd de vervangende toestemming niet verleend. Het kind heeft tijdens het kindverhoor aangegeven niet te willen worden gevaccineerd, ondanks het positieve advies van de Raad voor de Kinderbescherming en de gezondheidsraad.

Kinderen van 5 tot 12 jaar kunnen nog niet gevaccineerd worden. Zij ontvangen pas hun oproep vanaf half januari. Er is dan ook (nog) geen rechtspraak ten aanzien van deze leeftijdscategorie.

Hoe zit dit dan bij kinderen van 5 tot 12 jaar?

Nu een kind tussen de 5 en 12 jaar geen stem heeft, is het alleen mogelijk voor één van de ouders om vervangende toestemming te verzoeken bij de rechtbank. Naar verwachting is de kans groot dat verzoeken worden toegewezen als naar de huidige jurisprudentie omtrent het vaccineren tegen het Coronavirus wordt gekeken. De rechtbank erkent immers de gevolgen van de ziekte:

‘’De rechter stelt voorop dat kinderen wel degelijk corona kunnen krijgen en dat zij er weliswaar gemiddeld minder erg en minder vaak ziek van worden dan volwassenen, maar dat ook kinderen net zo goed ernstig ziek kunnen worden en ook langdurig de gevolgen van die ziekte kunnen ervaren (long-covid). Verder is het risico op het besmetten van anderen significant kleiner bij gevaccineerde dan bij ongevaccineerden.’’

Voorts heeft de rechtbank Noord-Holland korte metten gemaakt met eventuele lange termijnrisico’s en andere gevaren:

‘’De door de vader ervaren risico’s op lange termijn, missen iedere feitelijke grondslag. Er zijn op dit moment, op grond van de huidige wetenschappelijke inzichten, geen denkbare risico’s op de lange termijn die overeenkomen met de door de vader ervaren zorgen.’’

Daar komt bovenop dat de rechtbank de positieve adviezen van de Raad voor de Kinderbescherming en de gezondheidsraad doorgaans volgen. Op dit moment wordt vaccineren in het belang van het kind geacht. Naar verwachting zullen verzoeken tot vervangende toestemming voor het vaccineren van kinderen in de leeftijdscategorie 5 tot 12 jaar daarom waarschijnlijk worden toegewezen. Uiteraard is het een en ander afhankelijk van de omstandigheden van het geval.

Wilt u meer weten over het onderwerp vervangende toestemming in het algemeen of in geval van vaccineren tegen het Corona-virus? Dan kunt u contact opnemen met één van onze specialisten.

Door: Carmen de Koning